The Heritage Monitor
menu
Op 1 mei jl. werden de resultaten van de pilot ‘Huidig Gebruik Rijksmonumentale Kerken in Noord-Holland’ gepubliceerd op Erfgoedmonitor.nl. Machteld Linssen, medewerker van het voormalige Nationaal Programma Herbestemming (RCE), was ruim een jaar lang nauw betrokken bij deze pilot. Wat was de aanleiding voor deze pilot en welke moeilijkheden kwam zij bij het monitoren tegen?

 

 

“Om antwoord te geven op deze vraag, moeten we eerst even terug in de tijd. Stonden de afgelopen decennia in het teken van nieuwbouw en uitbreiding (woonwijken, kantoren en bedrijventerreinen etc.), op een gegeven moment kwam er een kentering en nam de leegstand hand over hand toe. Die trend signaleerden wij  als eerste bij de monumenten, maar we zagen vrij snel dat die beweging zich ook voltrok in de reguliere vastgoedmarkt.”

Hoe verklaar je die trend?

“De economische crisis en de afname van de bevolkingsgroei waren debet aan deze trend, maar ook maatschappelijke factoren speelden een grote rol. We zijn anders gaan leven; we winkelen via internet, we werken op afstand, we gaan niet meer (of minder) naar de kerk... En dat raakt het hele ruimtelijk ordeningsbeleid. Want uitbreiden aan de rand van een stad, terwijl er grosso modo voldoende vastgoed leeg staat om alles en iedereen te accommoderen, dwingt je om creatief te kijken naar dat wat er al is.”

De aanpak

“Er is genoeg vastgoed, maar het staat niet (altijd) op de gewenste locatie of het is niet (voldoende) afgestemd op de wensen en eisen van deze tijd. Een soort mismatch. Maar als je de functie van een pand kunt aanpassen aan de behoefte die er is, dan benut je je voorraad. Daarom hebben we o.a. een subsidieregeling ontwikkeld op basis waarvan men – met een kleine geldinjectie - een haalbaarheids- of herbestemmingsonderzoek kon laten doen voor een leegstaand, karakteristiek of monumentaal, pand. Welke functies, anders dan oorspronkelijk bedoeld, zouden er ook passen? Waar is marktvraag naar, hoeveel restauratieachterstand is er?”

Hoe krijg je in beeld wat de leegstand onder monumenten is?

“Naast een eigen subsidieregeling, wilden we monumenten ook een positie geven in de maatschappelijke en politieke discussie over leegstand. Op dat moment domineerden de leegstaande kantoren en winkels het debat. En als je cijfers kunt overleggen, speel je een factor in de discussie. Dat konden wij niet. Maar het keuze-aspect, het herbestemmen van een monument (in plaats van een kantoor) tot een hotel of congresruimte of i.d., wilden we juist wel in de discussie inbrengen. Toen hebben we twee pilots gehouden; voor monumentale boerderijen en rijksmonumentale kerken. Daarbij hebben we gekeken of we door middel van datakoppeling zicht konden krijgen op leegstand.”

Wat is datakoppeling?

“Daarbij probeer je op adresniveau informatie over leegstand bij elkaar te brengen uit allerlei verschillende datasystemen. Dat is best nog een heel gepuzzel. Als je een leegstaande boerderij hebt, wil dat bijvoorbeeld niet zeggen dat er geen boerenbedrijf is. Het erf kan bedrijfsmatig nog wel in een functie hebben. Om daar achter te komen, kun je het register van de Kamer van Koophandel raadplegen, maar niet elke boer staat daar ingeschreven. Dus we keken ook naar een bestand van gecombineerde aangiften voor allerlei heffingen.

Bij de kerken lag dit anders. We ontdekten dat veel kerken op het adres van de pastorie of kosterij stonden geregistreerd. Hierdoor leek het alsof bijna alle kerken waren herbestemd voor een woonfunctie. In eerste instantie waren we verbaasd, want het is best lastig om een kerk tot woonhuis om te bouwen. Toen sloeg de twijfel toe; klopt deze uitkomst eigenlijk wel?

Beide pilots lieten zien dat er wel mogelijkheden zijn voor informatieverzameling op basis van datakoppeling , maar er is nog ontwikkeltijd nodig om tot kloppende datarecepten te komen. Daarom zijn de resultaten van deze pilots niet gepubliceerd.”

Bestendigheid kerken

“Voor de kerken konden we daar niet op wachten. Van kerken werd al heel lang voorspeld dat er leegstand zou komen. Toch zagen we die beweging niet. Ook hadden we nog geen antwoord op de vraag hoe bestendig het gebruik van kerken is. En dat zijn we vervolgens gaan onderzoeken. Toen bleek dat veel kerkgemeenschappen met een klein clubje vrijwilligers een kerk nog in stand weten te houden, maar in feite is er dan sprake van verborgen leegstand en/of verdund gebruik.”

Pilot Noord-Holland

“We hebben ons onderzoek vervolgens gericht op het feitelijke gebruik en leegstand van Rijksmonumentale kerken in Noord-Holland, waarbij internet als bron diende. De moeilijkheidsgraad van deze pilot lag in het voortschrijdend inzicht dat we per kerk opdeden. Niet alleen de adressering gaf een vertekend beeld, maar er zijn ook kerken met bijvoorbeeld klimatologische problemen. Daar vinden in de winter geen vieringen plaats, maar in de zomerperiode wel. Wat doe je met dat gegeven bij de kerken die je al onderzocht hebt? Hoe neem je dat mee in je pilot? Al doende kregen we per kerk voortschrijdend inzicht. Zeer boeiend, maar uiterst arbeidsintensief ook.”

Wat heeft de pilot jullie opgeleverd?

We hebben voor Noord-Holland inzichtelijk gekregen wat het feitelijk gebruik is van de meeste monumentale kerken; wel/geen religieuze vieringen (en de frequentie ervan), is het herbestemd tot cultuurpodium, kantoor- of congresruimte, hotel of heeft het een woonfunctie gekregen. We hebben nu concrete cijfers, die vooral laten zien welke trend zich afspeelt.”

Wordt deze pilot nu uitgerold over de rest van het land?

“Er wordt op dit moment onderzocht of en hoe we dit onderzoek breder kunnen trekken want de resultaten nodigen hier wel toe uit.” 

Vakgebieden: