De Erfgoedmonitor
menu

172 resultaten

Pagina's

Archeologisch onderzoek - naar type

Tot 1980 hadden onderzoeksmeldingen vooral betrekking op opgravingen. Eind jaren tachtig vormde inventariserend veldonderzoek (IVO) het grootste deel van het archeologische onderzoek in Nederland. Archeologische begeleidingen nemen vanaf 2001 geleidelijk in aantal toe tot 547 in 2015, om in de jaren daarna weer te dalen. Het aantal bureauonderzoeken piekte in 2018 met 1.360, maar liep in 2019 iets terug naar 2.694.

Staafgrafiek waarin het aantal archeologische onderzoeksmeldingen van 2002 tot en met 2019 naar type worden weergegeven.

Archeologisch onderzoek - aantal onderzoeksmeldingen

In 2019 zijn er 4.680 archeologische onderzoeksmeldingen geregistreerd, een lichte daling ten opzichte van het jaar ervoor (5.025). De meeste meldingen kwamen uit Noord-Brabant (833), gevolgd door Gelderland (812) en Zuid-Holland (778). Het totaal aantal geregistreerde onderzoeksmeldingen in Nederland sinds 1908 komt hiermee op 74.009. De meeste meldingen kwamen uit  Gelderland (13.602)..

Lijngrafiek die de groei van het aantal archeologische onderzoeksmeldingen in Nederland van 1908 tot en met 2019 weergeeft.

Indemniteit - toekenningen

In 2019 werd voor € 222.591.324 indemniteit aan Nederlandse musea verleend. Gemiddeld werden met ingang van 2005 11 indemniteitsaanvragen per jaar gehonoreerd en werd per jaar 504 miljoen euro aan indemniteitsgaranties verleend. 37 musea profiteerden in deze periode van deze regeling.

Staafgrafiek met het aantal indemniteitstoekenningen aan musea in totaal per jaar van 2005 tot en met 2019.

Indemniteit - bruiklenen buitenland

Aan Nederlandse musea is in de periode 2005 - 2019 in totaal voor 12.341 buitenlandse bruiklenen indemniteit verleend. Rusland was de grootste bruikleengever met in totaal 3.317 bruiklenen, gevolgd door Duitsland (1.671), de Verenigde Staten (1530) en het Verenigd Koninkrijk (1.517).

Staafgrafiek met het aantal buitenlandse bruiklenen waarvoor indemniteit is verleend in de jaren 2005-2019.

Subsidie voor onderhoud - aantal aanvragen en monumenten

In 2019 werden 1.395 aanvragen in het kader van de instandhoudingsregeling gedaan, 367 minder dan het jaar daarvoor. Deze aanvragen betroffen 2.616 unieke monumenten in de geldstromen voor gebouwd-, groen- en archeologisch erfgoed. Aan 2.327 hiervan werd een subsidie verleend en bij 289 monumenten is de aanvraag op inhoudelijke gronden afgewezen of ingetrokken.

Lijngrafiek waarin het aantal aanvragen voor SIM subsidie van 2006 tot en met 2019 is weergegeven.

Subsidie voor onderhoud - categorieën en hoogte subsidie

De meeste subsidieverleningen in 2019 betroffen de hoofdcategorie 'woningen en woningbouwcomplexen' (620). Over de gehele periode 2006-2019 kreeg de categorie 'boerderijen, molens en bedrijven' de meeste verleningen (4.940)., maar de categorie 'religieuze gebouwen' ontving in deze periode het grootste deel (41,5%) van de totaal verleende subsidie.

Staafgrafiek met het aantal verleningen SIM-subsidie voor unieke monumenten per hoofdcategorie per jaar.

Subsidie voor onderhoud - type eigenaar en prioriteit

Met ingang van 2013 hebben werelderfgoed en monumenten die in eigendom zijn van POMs een voorrangspositie bij de verdeling van de instandhoudingssubsidie. In de periode 2006-2019 ging het merendeel van de subsidieverleningen naar verenigingen, stichtingen of kerkbesturen.

Staafgrafiek met het aantal verleningen aan unieke monumenten per type eigenaar per jaar 2006-2019.

Pagina's